Het Pantheon

Weetjes

Het Pantheon is het Romeinse monument dat de meeste records heeft: het heeft de grootste koepel in de geschiedenis van de Romeinse architectuur en is het best bewaarde van alle antieke gebouwen van het oude keizerrijk.

Het is bovendien het enige bouwwerk dat tot op heden, na twee millennia, dezelfde (religieuze) functie heeft behouden waarvoor het werd gebouwd en het is tevens het meest gekopieerde en geïmiteerde bouwwerk uit de oudheid, niet alleen in Italië.

Eclecticisme

De structuur van het Pantheon omsluit een geheel van kenmerken die behoren tot verschillende culturen en werelden, samengevoegd in een onverwacht aangename uitkomst. In feite vertoont het monument elementen die herinneren aan de stijl van het oude Griekenland, die van het keizerlijke Rome en elementen die typerend zijn voor de eerste christelijke basilieken.

Het vooraanzicht, dat veel weg heeft van de voorgevel van een Griekse tempel, staat in een onverwacht contrast met het halfronde koepeldak erboven. Tenslotte neemt het gebouw in de vorm van een grote apsis de ruimte achter de gevel in.

Opmerkelijk is ook het contrast met de obelisk die tegenover het monument staat, op Piazza della Rotonda. Dit Egyptische juweel sierde de tempel van Isis in Egypte in de dagen van farao Ramses en is 6,43 meter hoog.

Architectonische invloed

Het best bewaarde monument van de Romeinse architectuur heeft een enorme invloed gehad op architecten over de hele wereld. Talrijke monumentale zalen, universiteiten en bibliotheken vertonen karakteristieke elementen van zijn structuur, zoals de koepel.

Onder de beroemde gebouwen die door het Pantheon beïnvloed zijn, kunnen we in Italië de kerk van het monumentale kerkhof van Staglieno in Genua noemen, de kerk van San Carlo al Corso in Milaan, de basiliek van San Francesco di Paola in Napels, La Gran Cisterna in Livorno, de kerk van de Gran Madre di Dio en de Sint-Pietersbasiliek.

Zelfs in het buitenland zijn stijl sporen van het monument te zien. In Angelsaksische landen vinden we bijvoorbeeld de Thomas Jefferson-rotunda aan de Universiteit van Virginia, de bibliotheek van Columbia University in New York en de bibliotheek van de Staat Victoria in Melbourne, Australië. In Parijs daarentegen vinden we het Panthéon van de architect Jacques Germain Soufflot.

Het duivelsoog

De oculus van het Pantheon omvat verschillende legendes. In de Middeleeuwen bijvoorbeeld, werd gedacht dat het de oude locatie was van de bronzen kegel die zich momenteel op de binnenplaats van de Vaticaanse Musea bevindt.

Een andere mythe beweert dat het “nooit regent” in het Pantheon. Dit komt omdat de oculus een opwaartse luchtstroom creëert die in feite de druppels regenwater tegenhoud. Als het buiten namelijk hard regent, lijkt het dat het binnen minder of nauwelijks regent. In werkelijkheid wordt deze perceptie versterkt door het feit dat zowel centrale als zijdelingse afvoergaten in de vloer voorkomen dat er plassen ontstaan.

Gezien de grootte en omvang van de opening, dacht men dat hij onmogelijk door mensenhanden kon zijn gebouwd. Er wordt daarom zelfs gezegd dat de oculus werd gemaakt door de horens van een reusachtige duivel die uit de tempel ontsnapte. Om deze reden werd het ook wel het duivelsoog genoemd.

Op 21 Juni (de zomerzonnewende), om precies twaalf uur ’s middags, schijnt het licht van de zon door de oculus heen en projecteert deze een enorme lichtschijf op de vloer. Dit fenomeen staat symbool voor de verbinding tussen de mens en de Goden.

Ook op 21 April ‘s middags, de dag waarop volgens de legende de stad Rome is gesticht, valt het zonlicht exact op het midden van de oculus. Hierdoor wordt het Pantheon ook wel de zonne- of astrale tempel genoemd.

De onsterfelijke inscriptie

Zoals vermeld in het historische gedeelte van dit artikel, liet Marcus Vipsanio Agrippa zijn naam graveren op de gevel van het Pantheon. De oorspronkelijke inscriptie luidt “Marcus Agrippa, Lucii filius, consul tertium fecit”, wat betekent “Marcus Agrippa, zoon van Lucius, consul voor de derde keer, bouwde het”.

Hoewel het monument onder het bewind van Hadrianus en door de architect Apollodorus van Damascus werd herbouwd en verscheidene veranderingen werden aangebracht, bleef de inscriptie trouw aan het origineel. Tweeduizend jaar later is het nog steeds een van de meest representatieve elementen van het Pantheon.

Planetaire goden

In het Pantheon, binnen de muur van de rotunda, zijn zeven nissen te vinden tussen de Korinthische zuilen. Deze hebben niet dezelfde vorm (sommige zijn cirkelvormig en andere rechthoekig) maar zijn allemaal gelijkmatig gerangschikt vanuit het centrum.

In het verleden stonden in deze nissen de beelden van de godheden van de planeten: Sol Invictus, Luna, Venus, Saturnus, Jupiter, Mercurius en Mars. Door de eeuwen heen zijn de beelden gestolen of vernietigd en vervangen door christelijke altaren en monumenten.

In de fictieve autobiografie van de Romeinse keizer Hadrianus, Mémoires d’Hadrien, geschreven door de Frans-Belgische auteur Marguerite Yourcenar wordt de rol van de Goden als volgt omschreven “Het was mijn bedoeling dat dit heiligdom van alle goden de aardbol en de sterrenbol zou reproduceren, die bol die de zaden van eeuwig vuur omsluit, de holle bol die alles bevat”.

Zo leidt het Pantheon ons terug naar de theorieën en astronomische concepten waarmee de oude Grieken en Romeinen de hemelse verschijnselen interpreteerden. Door de visie die zij hadden op het heelal en de planeten, beschouwden zij ieder fenomeen als levende personificaties van de Goden.

Het geheel vormt een interessant abstract van de astronomie in de analyse van dergelijke theorieën en in de parameters van vergelijking met moderne wetenschappelijke verworvenheden op astronomisch en kosmologisch gebied. Daarnaast zou het ook interessante architectonische analogieën kunnen onthullen in dezelfde verhoudingen als de grandioze en machtige monumentale interne structuur van het Pantheon.

Graftombes

Zoals vermeld in het historische gedeelte van dit artikel, werden vanaf de Renaissance in het Pantheon (zoals in alle kerken) graftombes gebouwd. De graven zijn van verschillende belangrijke historische personen, waaronder schilders, componisten, architecten enz.

Een opmerkelijk persoon die in het monument begraven ligt, is ongetwijfeld de beroemde schilder Raffaello Sanzio, die onder andere de leiding had over de werken voor de verwezenlijking van de nieuwe Sint-Pietersbasiliek. Hij koos persoonlijk het Pantheon als zijn laatste rustplaats.

Op het graf van de kunstenaar staat de beroemde inscriptie in Latijn “Ille hic est Raffael, timuit quo sospite vinci, rerum magna parens et moriente mori” wat betekent “Hier rust Rafaël, die moeder natuur vreesde bij zijn leven door hem overtroffen te worden; en te sterven nu hij dood is”.

De twee eerste koningen van Italië

Ook de graven van de twee eerste koningen van Italië bevinden zich hier. De graftombe van Vittorio Emanuele II (1820 - 1878) bevindt zich in de centrale kapel aan de rechterkant. Precies aan de andere kant van het Pantheon staat het graftombe van zijn zoon, koning Umberto I (1844 - 1900) en zijn echtgenote koningin Margherita.

Het graf van Vittorio Emanuele III (1869 - 1947) ontbreekt. De laatste koning van Italië stierf nadat hij werd verbannen omdat hij het bewind van Mussolini steunde en bijna 80 jaar geleden de rassenwetten ondertekende die de ondergang betekenden voor veel Joodse families. De stoffelijke resten van de koning en zijn vrouw werden eind 2017 overgevlogen naar Italië, waar ze zijn bijgezet in een familiemausoleum in Vicoforte bij Cuneo.

Regen van rozenblaadjes

Ter ere van het Pinksterfeest, gebeurd er ieder jaar iets bijzonders in het Pantheon. De mis die wordt gegeven wordt namelijk afgesloten met een ware regen van rozenblaadjes, een oude traditie die de bezoekers een unieke ervaring bezorgt.

Aan het einde van de dienst bereiken de brandweerlieden de top van de koepel van het Pantheon en laten rond de 7 miljoen rode rozenblaadjes vallen uit de oculus. Deze gebeurtenis (op de 50e dag na Pasen) vierde vroeger het einde van de oogst en staat vandaag de de dag nog steeds symbool voor de vurige tongen die de Heilige Geest tijdens Pinksteren op Maria en de Apostelen liet neerdalen.

De “rode regen” is sinds 1995 een officieel herstelde traditie, die oorspronkelijk al duizenden jaren geleden voor het eerst plaatsvond. Bovendien is deze traditie niet alleen in Rome gebruikelijk, hoewel het Pantheon ongetwijfeld het meest spectaculaire voorbeeld geeft. Pinksteren wordt vooral in Midden- en Zuid-Italië ook rozige Pasen genoemd.

Het gebruik van rozenblaadjes in de Romeinse traditie, een element dat ook bij andere gelegenheden wordt gebruikt en een grote symbolische waarde heeft, gaat ver terug in de tijd. Tijdens de Rosalia bijvoorbeeld, een Romeins feest waarbij de overledenen geëerd en herdacht worden, versierden de Romeinen de graven van hun overleden dierbaren met rozenblaadjes, rozenkranzen en andere bloemen. Bovendien werd er soms ook eten geofferd. De Rosalia was deel van de vier dodenfeesten genaamd solennia sacrificia (Rosalia, Parentalia, Violaria en de verjaardag van de overledene) en werd meestel in de maand Mei gevierd.

Rode rozenblaadjes werden door de vroege christenen ook gebruikt ter nagedachtenis aan het bloed dat Christus verloor aan het kruis voor de verlossing van de mensheid. De oorsprong van de traditie van het Pantheon is hier dus mede uit voortgekomen en niet uit de witte roos die symbool staat voor Maria.

De legende van tovenaar Bailardo en de duivel

Om het Pantheon bevindt zich een greppel waar je aan kunt zien waar het straatniveau lag in de Romeinse tijd. Volgens een middeleeuwse legende, is deze gracht op een curieuze manier tot stand gekomen.

Zo schijnt het dat de beroemde magiër Pietro Bailardo in het bezit was gekomen van het Boek der Geboden, dat de duivel aan hem had gegeven in ruil voor zijn ziel.

Daarna had Bailardo spijt van de afspraak en gebruikte hij zijn magische kunsten om in een dag een pelgrimstocht te maken naar Jeruzalem, de heilige Jacobus van Galicië en tenslotte naar het Pantheon. Hier trof hij buiten de tempel de duivel die zijn ziel kwam opeisen en vluchtte hij naar binnen om te bidden om vergiffenis.

De duivel was woedend en liep ontelbare keren rond de tempel terwijl hij wachtte tot Bailardo weer naar buiten kwam. Zo groef hij de gracht die vandaag de dag nog zichtbaar is.

Introductie
Weetjes